Vijf jaar zonder Domtoren: ik ga je missen, oude reus

Terwijl ik net een slok zwart goud door mijn keel giet, zie ik op mijn tijdlijn een nieuwsbericht van een week oud voorbij komen (zo rolt Facebook anno 2018). ‘Vijf jaar lange restauratie Domtoren gaat bijna beginnen’, zo kopt De Utrechtse Internetcourant. Vijf jaar. Vijf jaar lang zal Utrechts’ trots ingepakt zijn als een half bruine banaan in aluminiumfolie. En het is nodig, maar dat maakt het niet minder raar.

Als de Domtoren uit de lappenmand komt, ben ik 30 en zal mijn leven er waarschijnlijk compleet anders uit zien. Misschien heb ik dan wel een kind, of twee. Misschien heb ik dan al meegedaan aan De Slimste Mens, Expeditie Robinson én Wie is de Mol?. Of misschien woon ik wel in een kartonnen doos onder de Prins Clausbrug, met om me heen enkel een berg lege lachgaspatronen. Wie zal het zeggen? De Domtoren zal het in ieder geval allemaal niet meemaken. En ik zal de Domtoren al die tijd niet in zijn volle glorie kunnen aanschouwen.

Domtoren in Utrecht, foto van Jan Ubels (Flickr).
© Jan Ubels, Flickr. (CC BY-NC-ND 2.0)

Hoe gaat dat over vijf jaar, als we de Dom voor het eerst weer kunnen zien? Zal dat net zo voelen als wanneer je een jeugdvriend tegen het lijf loopt en je merkt dat je zo van elkaar vervreemd bent geraakt dat het nooit meer wordt zoals vanouds? Of wordt het juist een moment als in All You Need Is Love, waarbij ‘geliefdon’ elkaar na ‘jaron’ weer in de ‘armon’ kunnen ‘sluiton’, zoals Robert ten Brink dat zo mooi zegt?

Misschien boek ik wel een reis naar Japan

Misschien boek ik wel een reis naar Japan. Niet voor de sushi (🤢), tempels of de rijzende zon. Niet voor de 334 inwoners per vierkante kilometer, anime of de kersenbloesem. Ook niet voor de Yakuza, Karaoke of het sumoworstelen. Nee, voor onze eigen, vertrouwde Domtoren. Die hebben ze namelijk ook in Japan. Een replica, dat wel, maar wel een die niet in de steigers staat. Wellicht zal het de komende vijf jaar sneller voorbij doen gaan. En het weerzien met de échte Domtoren iets minder ongemakkelijk maken.

Tot die tijd blijf ik aan hem denken, die goeie oude reus. En zal ik ieder uur luisteren naar zijn klokkengelui, wat hopelijk klinkt tot in de eeuwigheid. Hou je taai, goeie oude reus. Want wat er ook gebeurt: ze krijgen jou niet klein.

Header: Skitterphoto, Pixabay

Sander van Veen

Naast fotograaf ben ik ook tekstschrijver en journalist, dus daarom vind ik het leuk om af en toe wat te schrijven. Mijn blog wordt zo nu en dan aangevuld met een nieuw artikel, volg me op social media als je daarvan op de hoogte wil blijven!